Waarom Estland op je bucketlist moet staan!

Estland. Net iets groter dan Nederland, bijna net zo plat, maar dan met dertien keer minder inwoners – namelijk 1,3 miljoen. Ongeveer een half miljoen daarvan woont in de hoofdstad Tallinn en de rest heeft zich verspreidt over dit kleine, maar uitgestrekte land.

Estland wordt snel over het hoofd gezien als het gaat om Europese vakantiebestemmingen. Zonde, want je kunt je er heel goed vermaken! Voordeel hiervan is dat je niet gelijk overspoeld wordt door mede-toeristen en het land nog in alle rust kan “ontdekken”.

Wat zijn de hoogte punten van Estland?

Tallinn

Tallinn staat op nummer één van de ‘must sees’ in Estland. De hoofdstad heeft een rijke, veelzijdige geschiedenis dankzij verschillende bezetters. In 1991 is Estland officieel onafhankelijk verklaard en sindsdien is de hoofdstad hipper en hipper geworden. Lopend door de middeleeuwse binnenstad, heb je het gevoel dat je terug in de tijd bent gegaan. ‘Old Town’ staat dan ook niet voor niets op de UNESCO-werelderfgoedlijst.

Wandelen over de stadmuur, betaalbare culinaire hoogstandjes uitproberen en struinen door de vele boetiekjes zijn maar een paar van de vele dingen die stad te bieden heeft. En ben je het wandelen en dwalen zat? Dan kun je neerzakken in een van de vele terrasjes of cafe’s!

Tartu

Tartu is na Tallinn de grootste stad van Estland. Dankzij de prestigieuze Universiteit van Tartu – gesticht in 1632 !! – wordt de stad voornamelijk bewoont door studenten. Oftewel, de stad zit boordevol gezellige pubs en museums! Heb je behoefte aan iets meer dan alleen kunst en bier, dan kun je ook één van de vele oude kerken bezoeken of naar de indrukwekkende ruïnes van de ‘Dom van Tartu’ gaan. Of een wandeling maken in een van de vele natuurgebieden rondom de stad. Street art bekijken is ook nog een optie. Genoeg te doen in ieder geval!

Laheema Nationaal Park

Gesticht in 1971 en met een grote van 725 vierkante kilometer is het Lahemaa het grootste en oudste park van Estland. Je vindt er vele rivieren, oerbossen, veengebieden en uiteindelijk zelfs de zee. Naast het bezoeken van traditionele vissersdorpjes, heilige bomen, museums en oude landhuizen, kun je ook gewoon lekker wandelen. Tenminste… als je dat aandurft met de aanwezige lynxen, beren en wolven… Grapje, die hebben zich ver in het bos verstopt. Vind je het toch een beetje spannend en wil je snel uit de voeten kunnen komen? Dan zijn er ook fantastische fietsmogelijkheden. Het enige waar je dan bang voor hoeft te zijn, is dat je geen eland aanrijdt.

Saaremaa Eiland

Het op één na grootste eiland van Oostzee en een populaire vakantiebestemming onder de Esten. Hier ga je heen als je een tijdje rust nodig hebt van het “oh zo drukke” vaste land. Behalve in de zomermaanden, dan kun je misschien beter aan wal blijven. Doordat niet alleen de Esten, maar ook de Duitsers, Finnen en Zweden het eiland hoog op hun vakantielijstje hebben staan, kunnen de wachtrijen voor de veerboot wel oplopen tot 4 uur. Maar ook dan is een bezoekje aan dit eiland toch wel de moeite waard. Het zit namelijk boordevol historische gebouwen, zoals het 14e -eeuws kasteel ‘Kuressaare Episcopal’, oude kerkjes en houten windmolens. Daarnaast is er een krater van een meteorietinslag te vinden, kun je traditionele maaltijden eten in één van de knusse restaurantjes en zijn er talloze wandel- en fietsroutes. Een paradijsje voor de geschiedenis- en natuurliefhebbers dus!

Peipusmeer

Wil je echt tot rust komen, zonder gestoord te worden door Duitsers, Finnen en Zweden, ga dan naar het Peipusmeer. Het meer staat in de top 5 grootste meren van Europa en loopt zelfs door tot in Rusland. De natuur is prachtig, de stranden rustig en er zijn meer dan genoeg zwemmogelijkheden. Naast zwemmen kun je ook hier– net als in de rest van Estland – weer uitgebreid wandelen.

Overtuigd? Of zal ik er nog een schepje bovenop doen? In de winter kun je er namelijk ook nog een husky-sleetocht doen, skiën en ijsvissen! Voor mij genoeg redenen om Estland (nog een keer ;)) op de bucketlist te zetten!